De Wereld maken wakker [Quote 8]

Een universele dimensie voor spirituele oefening 

~Llewellyn Vaughan-Lee 

Spirituele Illusies

De reiziger begrijpt in het begin niet dat het echte werk op het pad niet gaat over de toegang tot spirituele of mystieke ervaringen; zij worden gegeven door genade. Het werk bestaat uit het creëren van een container daarvoor, zodat ze levendig kunnen worden in ons dagelijkse leven. Een aspect van deze container is het vermogen om onderscheid te maken tussen een echte innerlijke ervaring en een spirituele illusie, gecreëerd door het ego. Zonder een container om te discrimineren, raakt de reiziger gemakkelijk verdwaald en verspilt de energie en het potentieel van haar ontwaking.

Dit betekent niet dat men de opwinding en het vuur van de ontwaking vaarwel moet zeggen. Van oudsher is dit je spirituele geboorterecht, het moment waarop het ware leven van de ziel begint. Het “ja” dat tot dan toe verborgen was in de ziel, komt naar de oppervlakte, en explodeert soms in de uiterlijke wereld. Dit gaat gepaard met vreugde en kracht die geleefd moeten worden. Echte liefde is aangekomen; echt licht is aanwezig. Iets geweldigs is begonnen. Er kan voor de eerste keer een gevoel van “thuiskomen” zijn, van zijn waar je echt thuishoort. Iedere fase op het pad heeft haar eigen plek; “er is voor alles een tijd onder de zon.”

Ik herinner mij de hevigheid van mijn eigen ontwaken, plotseling was er een schittering met een verborgen licht in de wereld, de vreugde en het wonder van dat alles. Ik herinner mij mijn eerste ervaringen in meditatie, mijn eerste ervaringen van een innerlijke werkelijkheid voorbij de mind. Mij werd iets gegeven waar ik altijd naar verlangd had, en niet wist dat het bestond. Ik kreeg een smaak voor wat echt is, temidden van de illusies en de leugens in de wereld. Het verlangen naar Waarheid was ontstoken en ik wist wat ik wilde. Ik had geen container voor de dwaze passie die mij bezat: zij bracht me bijna tot waanzin. Ik vaste meer dan mijn lichaam kon verdragen. Maar voor het eerst leefde ik helemaal.

Hopelijk vindt men een leraar of een pad om met het werk te beginnen en een container te scheppen, om het vuur in de goede richting te kanaliseren, zodat men een evenwichtig leven kan leiden. Het duurde drie jaar voordat ik het pad gevonden had dat me naar Huis zou voeren, en ik kwam daar verre van evenwichtig aan, drijvend op mijn wil en volharding, mager en hunkerend, mijn voeten nauwelijks op de grond. Maar we krijgen allen de ervaring die we nodig hebben, en ik betreur de dwaasheid van deze eerste jaren niet, hoewel ik nu weet dat veel van mijn energie en de meeste acties verkeerd waren. Ik moest bijvoorbeeld beseffen dat je het lichaam niet met vasten perfect kon maken of de werkelijkheid niet door de wil kon forceren.

Eén van de gevaren in de eerste jaren zijn spirituele illusies. We worden gegrepen door een verlangen, een oerverlangen dat we niet kunnen benoemen en niet kennen. We worden een moment wakker voor de werkelijkheid die weinig weerklank vindt in ons uiterlijke leven of innerlijke gedachtepatronen. We hebben geen context voor wat er werkelijk plaats vindt, en creëren dan natuurlijk beelden en verwachtingen van het pad. Op het moment dat ik het licht in de ogen van mijn meester zag, wilde ik in die ruimte, ver voorbij de beperkingen van een wereld zijn, die ik in toenemende mate als vreemd, en vol problemen ervoer. Ik stelde me voor dat spiritueel leven betekende in die vormloze dimensie van aanwezigheid en liefde leven. Ik had weinig idee dat het pad mij zou dwingen naar deze wereld van beperkingen te gaan.

Vele zoekers vallen in het begin van de reis in deze valkuil, en ontsnappen aan de dagelijkse werkelijkheid. Zoals een vriend dat beschrijft: “Ik dacht dat ik uit het leven gehaald zou worden. Dat het gewone uiterlijke leven op een of andere manier zou verdwijnen, dat ik niet verantwoordelijk hoefde te zijn voor het leven. Ik dacht dat ik verzonken zou zijn in liefde. Dat ik niet meer zou hoeven bestaan als ‘een afgescheiden’ individu, dat ik altijd meegenomen zou worden in de liefde. Ik dacht dat ik steeds dieper in staten van liefde en gelukzaligheid zou opgaan. Dat het zou lijken op steeds verder in meditatie te gaan. Ik dacht werkelijk niet dat ik ooit terug zou komen naar het normale leven, of het normale bewustzijn.”

Een andere vriendin dacht dat haar problemen niet langer zouden bestaan, dat haar problemen zouden verdwijnen; dat zij er bovenuit zou stijgen, en op een hogere werkelijkheid zou zijn. Andere zoekers creëren de illusie dat zij speciale spirituele kennis verkrijgen of zelfs spirituele krachten. De belofte van ‘verlichting’ is een veelvoorkomende illusie, één die vergeet dat de basiswaarheid is dat het ego geen enkele hogere ervaring heeft, en dat in de dimensie van het Zelf geen ‘ik’’ bestaat om iets te realiseren. Zo veel illusies, zo veel manieren waarop we beelden van het pad gebruiken om het leven te ontduiken en aan onszelf te ontsnappen. Het echte pad brengt ons terug naar onszelf, en naar het leven. Als we niet in onszelf terug zouden keren, zou het belangrijke psychologische werk – de confrontatie met onze eigen duisternis, de schaduw, en de ander innerlijke dynamiek die helpt om de container van een evenwichtige psyche te creëren – nooit gedaan worden.

Terwijl we aan onszelf werken, gaan we inzien dat vele illusies aan het begin van het pad te maken hebben met de ervaring van ons ego als de enige doener in ons leven. Een vriendin begreep dat haar illusies “allemaal duidelijk voortkwamen uit het feit dat een ‘persoon’ naar het pad komt, en dat alles wat ze aanvankelijk verwachtte, naar het ‘persoonlijke’ verwees. Ik dacht bijvoorbeeld dat ‘ik’ of het ‘persoonlijke zelf’ de hele tijd verliefd zou zijn. Ik besefte niet dat liefde slechts is. Dat het niet werkelijk iets met ‘mij’ te maken had, maar dat het gewoon bestaat.”

In het begin is het ego alles wat we kennen. En dus verbeelden we ons het pad, en de daarmee verbonden ervaringen door de ogen van het ego met zal zijn wensen en beelden van vervulling. Zelfs als we gelezen hebben, of ons verteld is dat het ego ‘moet gaan’ dat we moeten ‘sterven voor we sterven’ kunnen we ons niet een staat voorstellen waarin het ‘ik’ niet het centrum is. Wanneer we aan het Zelf denken, verbeelden we een spiritueel ego. We zijn zelden voorbereid op de eenvoud van wat is. Het Zelf kan een kosmische dimensie hebben, een kwaliteit van zijn, die in alles aanwezig is. En de staten van niet-zijn die voorbij het Zelf bestaan, kunnen we niet begrijpen met een bewustzijn dat gecentreerd is rondom ons gevoel van bestaan. Hoe kunnen we ons een staat voorstellen waarin we zijn en niet zijn? Terwijl sommige illusies zich in een innerlijke spirituele staat bevinden, reflecteren anderen de wens iets in uiterlijke vorm te manifesteren, een genezer worden bijvoorbeeld of zelfs een spirituele leraar, die een ‘bestemming’’ heeft waarvan we denken dat het onze unieke spirituele natuur weerspiegelt.

Terwijl sommige reizigers op deze weg geroepen worden is de wens ernaar vaak slechts een nieuwe vorm van egobevrediging waarin het ego grip krijgt op een pure energie of intentie, en dit voor zijn eigen doel gebruikt. Het ego maakt zich, door zichzelf op te belazen, de centrale figuur in iedere fase. Het kan een desillusie zijn te beseffen dat het Zelf meestal geen enkele specifieke uiterlijke vorm nodig heeft, dat het een staat van zijn is, en niet een ‘gemanifesteerde bestemming.’

Nog een vorm van spirituele illusie die vaak voor komt is de idee van een ‘geleid leven’ leiden, of in een staat zijn waarin de dingen gewoon van zelf komen zonder de noodzaak zelf iets te ‘doen’. Hoewel er staten bestaan waarin het Zelf of onze goddelijke natuur door ons heen leeft, vereisen zij veel meer bewust onderscheidingsvermogen dan we aanvankelijk beseffen. Behalve in zelden voorkomende gevallen van hoog ontwikkelde spirituele wezens, moet onze hogere natuur zich manifesteren door ons ego en onze lagere natuur, die de hogere energie voor de eigen doelen wil ombuigen, “het ego loert vanuit elke hoek,” en wil onze ware natuur onderwerpen. We moeten leren onderscheid te maken tussen de echte behoefte van het moment en de verborgen wensen of patronen van eigenbescherming die een spirituele vorm hebben aangenomen. Vaak is de illusie van geleid worden een vermijden van echte verantwoordelijkheid voor ons eigen leven en onze acties. Het is een perfect excuus voor iemand die niet totaal het gewone leven met al zijn moeilijkheden en eisen wil omarmen. Patriarchale spiritualiteit kan dan de transcendente natuur van het Zelf benadrukt hebben, maar het Zelf is ook een intrinsiek deel van het leven en het kan alleen volledig geïncarneerd en geleefd worden, wanneer we volledig verantwoordelijkheid nemen voor het leven zoals het is. Je kunt alleen het Zelf realiseren met de volle acceptatie van je leven en je bestemming. Met de woorden van de Soefimeester Abû Sa’îd ibn Abî-l-Khayer, “Wat je lot ook moge zijn, zie het onder ogen!”

Uiteindelijk voert het pad ons naar een plaats waar het ego zich overgeeft en het Zelf de heerser wordt. Dan wordt het leven als een blanco vel papier wat de Geliefde kan gebruiken voor Zijn wil. Maar tegen die tijd zijn we bij deze fase aangekomen, we hebben volledige verantwoordelijkheid genomen voor ons leven, voor het ego en zijn noden en eisen. We zijn volwassen reizigers geworden die het pad niet gebruiken om moeilijkheden te vermijden. We hebben de waarde van gezond verstand geleerd, en geleerd hoe in beide werelden te leven. En we hebben ontwikkeld alert te zijn voor het ego en zijn sluwe manieren van zelfverleiding.