Leegte is de basis van angst

Tenzin Wangyal Rinpoche / Auke de Jong

Tijd om nog eens kritisch naar jezelf te kijken. Wat je zegt dat je bent, dat ben je niet, aldus de bönboeddhistische leraar Tenzin Wangyal Rinpoche. Uit het vastklampen aan alles buiten jezelf komen je angsten voort. Ook je doodsangst.


Er wordt gezegd dat het ontdekken van de ware natuur van de geest is als het opheffen van de duisternis: ineens zie je het licht. 

Tenzin Wangyal Rinpoche, leraar in de böntraditie, oprichter en spiritueel leider van het Ligmincha Institute in Charlottesville (VS), vergelijkt het met het aansteken van een kaars. ‘Hoeveel samsara je ook hebt ervaren,’ zegt hij vanuit San Francisco via Skype, ‘hoeveel emoties of gedachten, ze zijn weg op het moment van zelfrealisatie. Dat is geen geleidelijk proces. Een kaars zegt niet: ik weet dat je me hebt aangestoken, maar je hebt er jaren over gedaan om mij te vinden, daarom duurt het dagen voordat ik licht geef. Als de waarheid wordt herkend, is de verlichting er ogenblikkelijk.’


Maar als het aansteken van een kaars zo eenvoudig is, waarom is zelfrealisatie dan zo moeilijk? Tenzin Wangyal: ‘Het aansteken van een kaars is simpel voor iemand die weet waar de kaars en de aansteker zijn. Maar als je chaotisch bent, in een messy apartment woont en niet weet dat je een kaars en een aansteker hebt, dan is zelfs het aansteken van een kaars ingewikkeld. Op dezelfde manier wordt het ontdekken van je ware natuur belemmerd door een beperkte visie op jezelf en de wereld om je heen.’

Deze beperkte visie komt in het kort hierop neer: alles wat je zegt dat je bent, dat ben je niet, aldus Rinpoche in zijn boek Leven en sterven als een droom (Asoka, Rotterdam 2002). Wanneer je ontevreden bent over jezelf of in de problemen zit, lijd je. Maar je vergeet te kijken wie er lijdt. Vaak verbind je jezelf met een beroep, familie of nationaliteit. Je pint je vast op één aspect in jezelf waar een probleem is en je laat je hele bestaan hierdoor beheersen. Als je in staat bent om meer te zien dan die ene plek in jezelf, weet je dat je groter bent dan het probleem. Dat is de bron van je bevrijding.’


Uitgestrekte open hemel
 

Het is volgens Tenzin Wangyal daarom belangrijk dat je voortdurend de wie-vraag stelt. Bij elke zintuiglijke ervaring, gedachte en emotie moet je jezelf vragen: wie is het die ervaart, denkt en voelt? ‘Op die manier realiseer je je misschien dat je niets kunt vinden en kunnen de gedachten en emoties die je hebt geconstrueerd in je conceptuele geest oplossen. Ze zijn als wolken; wanneer die oplossen zie je een uitgestrekte open hemel, dan zie je je ware essentie. Misschien kan ik dit op een conventionele manier verduidelijken. Als je wilt begrijpen wat je niet bent, is het misschien gemakkelijker om je voor te stellen wat je zou kunnen zijn. Iemand zegt bijvoorbeeld: ‘ik ben niet goed genoeg’, ‘ik kan het niet’ of ‘ik ben het niet waard’. Hij zegt het en gelooft het nog ook. 

Tegelijkertijd is er iemand, met dezelfde achtergrond of misschien zelfs uit dezelfde familie, die precies het tegenovergestelde zegt: ‘ik ben goed’, ‘ik kan het’, ‘ik ben vrij’. Vaak leeft zo iemand een geheel ander leven: hij heeft het gevoel dat hij alles kan en bereikt dit ook. Zo zie je dat een beperkte visie op jezelf je leven kan bepalen. Zo is het ook met verlichting. Een verlicht persoon herkent zijn ware essentie. That unbounded space of infinite possibilities is what you really are.’
Wie ben je? Het antwoord is: ‘Ik ben niet iemand, want ik kan niet zeggen dat ik dit of dat ben. Wanneer ik naar binnen kijk en naar mijzelf zoek, kan ik mijzelf niet vinden. Ik kan mijzelf niet vinden in mijn lichaam, ik kan mijzelf niet vinden in mijn gedachten, ik kan mijzelf niet vinden in mijn emoties. Op geen van deze plekken kan ik mijzelf vinden. Kun je zijn wat je niet hebt gevonden? Als je kunt zijn wat je niet hebt gevonden, is dat het mooiste wat je kunt vinden.’Uit: Leven en sterven als een droom.
Door de tijd heen ben je volgens Tenzin Wangyal de verbinding kwijtgeraakt met jezelf, met je essentie. Sindsdien ben je voortdurend op zoek naar de verbinding die je hebt verloren. Alleen kijk je volgens hem naar de verkeerde kant, naar buiten. Je zoekt naar jezelf in dingen, in andere mensen, in werk, in de wereld buiten jezelf. Alles waar je je in het leven aan vastklampt vormt de basis voor je lijden. Geluk vind je niet wanneer je buiten jezelf kijkt. Of zoals Tenzin Wangyal in Leven en sterven als een droom zegt: er is niets wat je voor altijd gelukkig maakt, zolang je het niet in jezelf vindt.

Je slimme ego

Een van de redenen waarom veel mensen blijven hangen in hun beperkte visie op zichzelf, is volgens Tenzin Wangyal omdat zij niet bereid zijn om naar hun leven te kijken en hun lijden te erkennen. ‘Zij zien hun eigen lijden niet en zien niet dat hun handelen voor lijden zorgt in andermans leven. Anderen zijn bereid om naar zichzelf te kijken, maar onvoldoende toegewijd om aan hun problemen te werken. Met toegewijd bedoel ik niet dat je bijvoorbeeld jaren psychoanalyse moet ondergaan. De waarheid kun je niet volledig voelen als je het probleem met de conceptuele geest probeert op te lossen. Psychology doesn’t work when it comes to enlightenment. Je hoeft niet hoogintelligent te zijn om jezelf te ontdekken. Integendeel, het intellect is vaak het probleem.


Met je conceptuele geest probeer je naar de waarheid te zoeken, maar wat je vindt is niet de waarheid, het is slechts een interpretatie van iets wat niet waar is. This is the interpretation of smart ego: je slimme ego probeert je te overtuigen dat je domme ego ongelijk heeft. Je slimme ego is slim genoeg om het domme ego te overtuigen, maar niet slim genoeg om te zien dat het zelf ongelijk heeft. Je hebt alleen je intellect nodig om de juiste richting te kiezen. Als je met je vinger naar de maan wijst, kijk je niet naar de vinger, maar naar de richting die de vinger aangeeft en uiteindelijk naar de maan. Als je naar de vinger blijft kijken, zul je nooit de maan zien. Veel mensen die hun intellect gebruiken om de waarheid te vinden, zien nooit waar hun intellect naar wijst. Ze blijven steken in hun intellect. All you need is a willingness to see the truth.’

Dat betekent volgens Tenzin Wangyal: open naar jezelf kijken. De beste manier om die openheid te vinden is door zuiver gewaarzijn:
Zuiver gewaarzijn betekent niet dat je niets voelt, je identificeert je alleen niet met je gevoelens. Het betekent niet dat je geen lichaam hebt, je identificeert je alleen niet met je lichaam. Je bent gewoon wie je bent. In dat zuivere, open gewaarzijn is alles aanwezig. Alles manifesteert zich van daaruit, spontaan en flexibel. Het beste is het wanneer alles van daaruit ogenblikkelijk tot bevrijding komt. Anders, en dat is wat in onze dagelijkse ervaringen gebeurt, overkomt ons bijvoorbeeld iets heel moois en dat willen we vasthouden. We klampen ons eraan vast en dan raakt dat hele mooie zijn schoonheid hoe langer hoe meer kwijt en wordt het iets lelijks. Zoals een fantastische verliefdheid kan eindigen in een nare scheiding. Waarom bleef die heerlijke ervaring van verliefdheid niet bestaan? Eenvoudig omdat er geen open gewaarzijn was. Probeer dus de ervaring van jezelf te verschuiven naar dat open gewaarzijn.
Uit: Leven en sterven als een droom.
Angst voor de dood
 

De grootste angst voel je wanneer er dingen veranderen, aldus Tenzin Wangyal, die stelt dat leegte de basis is van angst. ‘Zonder je egoïstische identiteit heb je het gevoel dat je niemand bent en je jezelf verliest. Dat maakt je angstig. Maar wanneer je je realiseert dat je niet degene bent die je denkt te zijn en dat je de potentie hebt om degene te zijn wie je werkelijk bent, zul je hoop krijgen.’
De angst je identiteit op te moeten geven maakt je bang voor de dood, zegt Rinpoche. Als je je egoïstische identiteit niet overstijgt, zul je je angst nooit overwinnen. ‘De reden waarom we bang voor de dood zijn, is dat we onszelf identificeren met deze wereld, dit lichaam, ons bezit, onze status en onze familie. Op het moment van sterven verliezen we niet alleen alles wat we bezitten, maar ook onze volledige identiteit. Wanneer we ons maar enigszins realiseren dat we datgene verliezen wat we in werkelijkheid niet zijn en dat wij niets te verliezen hebben, zal de dood een minder angstige ervaring zijn.’

Om jezelf voor te bereiden op de dood, kun je volgens Tenzin Wangyal reflecteren op alles waar je je in dit leven mee bezighoudt. ‘Misschien gebruiken wij de helft van onze tijd voor onnodige, onbelangrijke dingen, die onszelf noch anderen helpen. Je voorbereiden op de dood begint met het herkennen van deze bezigheden en je bewust worden van de waardevolle tijd die je met anderen doorbrengt. Daarnaast is het goed om inzicht te krijgen in vergankelijkheid, want dit is een manier om naar jezelf terug te keren.

Ga naar de plek waar je het vertrouwen voelt
 

Er is een zinvolle meditatie waarbij je je voorstelt dat je nog maar een jaar hebt te leven. Als je de tijd neemt voor deze oefening, zul je echt de doodsangst ervaren. Kijk waar die angst vandaan komt. Je zult de bron nergens vinden. Er is alleen maar een open gewaarzijn. Ga naar de plek waar je het vertrouwen voelt dat er geen bron is voor deze angst, en blijf in deze diepe meditatie zolang je kunt. Het effect is dat je meer inzicht krijgt in de ware aard van je geest en je los kunt maken van je illusionaire werkelijkheid.

Mensen vergeten vaak de vergankelijkheid van het leven. Ze verzamelen geld alsof ze miljoenen jaren moeten overleven. Of ze maken ruzie met anderen, zonder te weten hoe lang zij nog te leven hebben. Als je nog maar een jaar hebt te leven, maak je je geen zorgen over geld of onenigheid. Je wordt openhartiger en warmer naar mensen, je leeft meer in het moment en je voelt je meer verbonden met anderen. Kortom, het brengt meer spirituele kwaliteiten in je naar boven.’ 

’Just be available’

Hoe kunnen we mensen die sterven het beste bijstaan? Wanneer je naast iemand zit die stervende is, probeer hem dan in de eerste plaats op zijn gemak te stellen, zodat hij met zijn angst kan omgaan, zegt Tenzin Wangyal. ‘Het is belangrijk dat degene die de stervende begeleidt niet een heel lijstje van dingen afwerkt die nog gedaan of gezegd moeten worden. Wees niet verdrietig, kwaad of teleurgesteld, maar wees volledig open en beschikbaar om alles of juist helemaal niets te doen. It’s not about the helper’s wishes, but about the patient’s needs. Just be available. We vinden het allemaal aangenaam als iemand er onvoorwaardelijk voor ons is. Dat is al een grote hulp. Het is in feite het beste wat je op zo’n moment voor de ander kunt doen.’

Spiritueel leider van het Ligmincha Institute
 

Geshe Tenzin Wangyal Rinpoche (1961) is een leraar uit de bönboeddhistische traditie, de oudste spirituele traditie van Tibet. Hij is oprichter en spiritueel leider van het Ligmincha Institute dat centra in Noord- en Zuid-Amerika en in Europa heeft. Hij schreef verschillende boeken over droomyoga en dzogchen en was een van de eersten die wereldwijd onderricht gaf in de böntraditie. In mei dit jaar komt hij naar Nederland voor het geven van een aantal lezingen (zie www.ligmincha.nl). Tenzin Wangyal Rinpoche woont in San Francisco, is getrouwd en heeft een zoon.

Bron: Boeddha Magazine