Het Zelf herkennen

Mooji / Voor Ik Ben. De Directe Herkenning van de Waarheid

Mooji, kunt u zelfonderzoek uitleggen? Hoe begin ik precies? 

Begin zo: ik ben, ik besta. Dit is de meest natuurlijke herkenning en kennis. Het gevoel te bestaan wordt spontaan in je gevoeld als ‘ik ben’. Niemand heeft je dit geleerd. Wees je bewust van deze simpele gewaarwording, zonder deze te associëren met andere gedachten. Voel hoe het is om simpelweg aanwezig te zijn, in dit moment, zonder aan enige intentie vast te houden. Laat alle gedachten varen dat je iets speciaals aan het doen bent. Blijf vanbinnen stil. Raak niet in paniek als er plotseling een golf van gedachten opkomt. Het is niet nodig ze onder controle te krijgen of te onderdrukken. Laat ze simpelweg spelen zonder erin betrokken te raken. Observeer zonder te hechten. Blijf vrij van intentie. Blijf stil.

Stel je voor dat je op het perron van een treinstation staat. Eén voor één komen er treinen, ze stoppen, deuren gaan open, deuren gaan dicht, ze rijden door. Je hoeft niet in te stappen. Op dezelfde wijze observeer je simpelweg de gedachtestroom die op het scherm van het bewustzijn verschijnt, zonder in te stappen. ‘Log niet in’. Je zult zien dat gedachten en sensaties uit zichzelf weer weggaan, zonder dwang. Blijf neutraal. Wees één met het gewaarzijn als gewaarzijn zelf. Voel de ademhaling moeiteloos bewegen, zonder wil of inspanning. Observeer het functioneren van de zintuigen, het gevoel van buiten en binnen, elke beweging gebeurt gewoon uit zichzelf, niet gepland en ongedwongen.

Wat er ook opkomt als gedachte, gevoel, beweging of sensatie wordt stil geobserveerd. Alleen is er nu minder belangstelling, minder aantrekkingskracht. Alles komt op; jij zelf wordt niet beïnvloed. Alles wordt rustig geobserveerd. Zelfs de sensatie van het zelf – het gevoel ‘ik ben’ – verschijnt in dit gewaarzijn. Verricht geen grotere inspanning dan nodig is. Jij bent hier. Dat wat zowel doet als niet-doet, noch activiteit aanstuurt noch door activiteit wordt beïnvloed, dat wat moeiteloos gewaar is maar niet betrokken, dat is je echte zelf. Niet achter of voor, niet boven of onder – want het echte zelf is geen fenomeen. Het is niet plaatsgebonden, het is ongeboren, grenzeloos gewaarzijn-zelf.

Observeer nu degene die observeert: ‘Wie ben ik?’ Kijk naar binnen, maar blijf stil met alerte aandacht. Houd je niet bezig met antwoorden of aanduidingen die opkomen; een antwoord zou en kan alleen een mening zijn, een idee of een ander concept. Pin je niet vast op enig concept. Verplaats je aandacht van objecten naar het waarnemend subject. Wat en waar is de waarnemer? Blijf stil en neutraal. Er zou nu een meer gerichte focus in het kijken moeten zijn.

Kijk nu opnieuw naar het gevoel ‘ik ben’. Wat is ‘ik’? Van waaruit komt het op?
Kijk. Wat vind je?

Het kan niet gevonden worden. Het bestaat niet! 

Objectief gezien kan het niet gevonden worden. Niettemin blijft het gevoel of de intuïtie van ‘ik’ aanwezig. Het is het niet-vinden van ‘ik’ als fenomeen, dat zijn niet-objectieve bestaan bewijst.

Het blijkt dat ‘ik’ of ‘ik ben’ geen vorm heeft, een intuïtie is, opkomend uit de leegte, in de leegte, en als de leegte. Zonder aandachtig zelfonderzoek lijkt ‘ik’ een entiteit te zijn, samengesteld uit een lichaam en het geconditioneerde denken. Als je het zoekt als vorm, vind je het slechts als gedachte; de vorm van ‘ik’ is een gedachte. Zonder vorm komt het op uit leegte als het intuïtieve gevoel van subjectieve aanwezigheid.

Nu dat ‘ik’ gevonden is als vormloze aanwezigheid, wat herkent dit dan? Heeft dit een vorm? Onderzoek op deze manier.