Inkeer van de Kluizenaar

Hoe kunnen alle patronen, negatieve emoties en verleidingen in de ruimte-die-ik-ben werkelijk getransformeerd worden? Het zal duidelijk zijn dat ik daar zelf niet toe in staat ben; wel kan ik de voorwaarde scheppen en steeds opnieuw proberen ruimte te zijn, geduldig te blijven en mij niet te identificeren.


Deze weg vraagt om overgave. Overgave betekent zo ontvankelijk worden en zo diep afstemmen dat de goddelijke inspiratie door mij heen kan gaan stromen, waardoor de onzuivere aspecten worden schoongespoeld.

Als ik in stilte de donkere en verborgen krachten leer kennen en het Goddelijke Licht er op schijnt, wordt de aantrekkingskracht van de identificaties en patronen doorbroken.




Ik besef dat ik niets zelf meer kan doen, alleen nog maar tot overgave komen. Ik bemerk dat ik niet de oorsprong ben van gedachten en gevoelens. Er wordt in mij gedacht en gevoeld.

Deze houding van overgave vraagt om werkelijke inkeer van de Kluizenaar. Achter de mantel van de Kluizenaar gaat de ziel schuil, verborgen aanwezig in stilte, in duisternis. Door inkeer en overgave kan de Heilige in ons gaan werken en kan de ziel zich manifesteren. De kracht en de aandacht die in de houding van overgave naar voren komen zijn niet van mij, maar van de Heilige die mij inspireert.

In gebed vraag ik om deze heilige kracht en aandacht en probeer alles wat er in het Vat verschijnt toe te laten en met de Heilige mee te werken. Stap voor stap kan de ziel wakker worden en gaan bloeien. Dan is er werkelijk ruimte, een ruimte die op niets is gericht. Er is een diepe levende stilte, er is rusten in het ‘zijn’.

~Kees Voorhoeve

Uit: De Kluizenaar